Johannes van Damp over messen

De omslag van Het Fijnproevers Leesboek.

Dit boek besprak ik onder Kookboeken » Shit, en ik gaf daar aan dat het stukje van Van Damp erin, over messen, zó enorm bol staat van de lulpraat, dat het een aparte bespreking verdient.

Over Van Damp schrijf ik momenteel aan een boek wat uitgegeven zal worden door Uitgeverij ViesLekker, Waarom Johannes van Damp een Kletsmajoor was. Zie dit stukje als een voorproefje.

Het Fijnproevers Leesboek, ondertitel Van Culinaire Kunst tot Cult, van Ronald Hoeben en Ellen Verbeek, "met bijdragen van Johannes van Dam en Ileen Montijn". Een hele mond vol voor een werkje wat in feite niets meer is dan een podium voor het culinaire geblaat van die Hoepel. En dan ook nog boordevol typografische fouten, en ongetwijfeld het enige boek ter wereld waarvan de titel onleesbaar is op de omslag (denk niet dat ik het gephotoshopt heb!).

Onder Kookboeken » Shit bespreek ik de drie onderdelen van het boek, de interviews van Hoepel en Verbeek (lees: hoe Hoepel bekende Nederlanders als opstapje misbruikt), de Gedroomde Maaltijden van Montijn (lees: hoe zorg ik ervoor dat bekende Nederlanders níet uit de verf komen) en stukjes van Van Damp over kookgerei.

Van die laatste stukjes bespreek ik hier alvast Het Mes. Daarin staat dus in vijf smalle kolommetjes van tweederde pagina hoog zo ongelofelijk veel gelul dat het een aparte opsomming waard is. Een en ander nog afgezien van vulsel-wijsheden zoals "[in de professionele keuken] zijn de messen meestal van roestvrij staal, hoewel het ene roestvrij staal nog niet het andere is". Vrijblijvende praat van kijk mij eens veel weten, maar als je die bolle stinker gevraagd zou hebben om daar eens nader op in te gaan, dan had je enkel escapisme gehoord.

Dat in de Bronstijd de messen al beter waren dan in de Steentijd. Gelul. Je hebt uit die periode bronzen bijlen (daar werkt de kracht) en bronzen pijlpunten (daar werkt de spitsheid), maar geen bronzen messen. Die bijlen waren bot. Natuurlijk, want anders zou de snede versplinteren. Brons is bros. Niks scherpe messen.

Dat Laguiole een merk is. Gelul. Dat is een type mes.

Dat Laguiole messen niet van roestvrij staal zijn. Gelul. In de war met de klassieke Opinel messen.

Dat een klassieke Laguiole een hoornen heft heeft. Gelul. Jeneverbes-hout.

Dat Sabatier een merk is. Gelul. Jan en Alleman maakt Sabatier messen. (Tip: één producent maakt messen met een aluminium verbinding tussen mes en heft; dat zijn de beste.)

"Dreizoch Wüsthoff": Wüsthof Dreizack, ja.

Dat Japanse messen "een soort bijltjes [zijn] om groente te hakken". Gelul. De klok horen luiden over Chinese en Filipijnse "messen".

Dat kartelmessen niks zijn. Victorinox moet je hebben. Alsof de tafelmessen van Victorinox géén kartelmessen zijn.

Dat een Sheffield stalen mes scherper is vanwege dat Sheffield staal. Gelul. Dat slijt méér aan de zijkant van de snede en blíjft daarom lang scherp. Een roestvrij stalen mes slijt aan de snede. En verder heet het niet Sheffield staal maar Carbon-staal.

Blijft er nog een partij gezwatel zoals dat restaurant-uitbaters steakmes uitspreken als stiekmes, en "...mijn Laguiole mes (ik heb er altijd meerdere op zak)..."

"Het is in dit boek nauwelijks mogelijk diep op de uiteenlopende eigenschappen van keukenmessen in te gaan en universele adviezen te geven." Mazzel!